noworries.reismee.nl

ANNAPURNA TREKKING

Vr 13 april Dag 1 Annapurna trekking Besi Sahar 820m -> Bhul Bule 850m

5.20uur; de wekker klinkt in de verte. Het is vrijdag de dertiende. Een mooie dag om aan de Annapurna trekking te beginnen. In een kleine 2 weken willen we uitkomen in het plaatsje Jomsom, met als kleine obstakel een bergpas van 5416meter. Zou het ons lukken? We hebben niet het gevoel dat onze conditie goed is zo vlak na India en een antibioticakuurtje, maar ja we hebben er onwijs veel zin in dus we gaan er voor!

Het zonnetje is al op als we om 6uur de taxi instappen naar het busstation. De 'tourist bus' (die toch een krappe 'local bus' blijkt te zijn voor een tourist prijs) brengt ons in 4½ uur naar Besi Sahar. Oftewel het startpunt van onze tocht. Bij een checkpoint laten we onze permit stempelen en na een snelle lunch starten we vol goede moed. Om vervolgens na ..ahum... 500meter een noodgedwongen stop te maken. Mijn rugzak blijkt niet te tillen en trekt aan mijn nekspieren. Valt dat even tegen. Blijkbaar is er toch iets mis gegaan met inpakken... Als we de rugzakken vergelijken blijkt de mijne inderdaad een stuk zwaarder dan die van Richard. Dan maar even wat spullen overgooien en het gewicht anders verdelen. Verdelen naar lengte bijvoorbeeld:)


Poging 2 verloopt een stuk soepeler, al is het aardig wennen om met een redelijk bepakte rugzak op te lopen. Gelukkig hebben we nog zo'n 14 dagen om te wennen. Het eerste stuk van de tocht staat er om bekend dat het nog niet zo mooi is. Wij kijken bewonderend rond en vragen ons af wie ooit heeft bepaald dat dit niet mooi is. Als dit nog niet mooi is, wat staat ons dan de komende dagen te wachten?

De tocht gaat over een kiezelweg en links en rechts hebben we mooi uitzicht op de bergen en kleine dorpjes. De bergen om ons heen zijn nog niet zo hoog (voor Nepalese begrippen), we schatten ze rond de 1500 meter. Beneden ons in de vallei stroomt een rivier met ons mee. De temperatuur loopt snel op en dat betekent veel zweten en veel drinken. Maar klagen doen we niet, nog niet althans... Als we goed kijken zien we in de verte de besneeuwde toppen van de Himalaya opdoemen. Daar gaan we heen!


Tegen half vier komen we aan in Bhul Bule. Ons oog valt snel op het 'Heaven Guesthouse'. De vriendelijke eigenares laat ook haar oog snel op ons vallen en laat graag haar kamers zien. De kamer ziet eruit alsof het vanmorgen snel in elkaar getimmerd is. Zo simpel, maar het is voorzien van twee schone bedden en uitzicht op de rivier, geweldig. Ze vertelt ook nog dat het guesthouse een warme douche heeft. Voor een spotprijs van €2,50 zijn we snel om.

We ploffen neer op het grasveld aan de rivier en zetten onze mp3 op. Heerlijk ff uitpuffen. Dan suist er opeens een bal over mijn hoofd. Een Nepalees jongetje stuitert zijn bal voor ons neer. Hoopvol kijkt hij Richard aan, maar die heeft niet veel aansporing nodig.

Na het voetbaluurtje nemen we ons voor echt even niets meer te doen vandaag. Morgen staat er een wandeling van ongeveer 4½ uur op het programma.


Route dag 1: Besi Sahar 820m → Bhul Bule 850m

Totaal geklommen: 200m (3m/minuut, 55m58s)

Totaal gedaald: 168 (4m/minuut, 36m04s)

Hoogste punt: 864m

Gelopen afstand: 9km

Tijd (incl. rust): 3h 17m 40s

Overnachting: Heaven guesthouse Nrp250/€2,50


Za 14 april Dag 2 Annapurna trekking Bhulbule 850m -> Ghermu 1156m

Het is 6 uur; dag twee van de trekking is aangebroken. We doen voorzichtig de houten luikjes van onze kamer open... en ja hoor een blauwe lucht! Na een goed ontbijt starten we met de wandeling. We hebben het dorpje nog niet verlaten of we komen al in een schitterend landschap met mooie uitzichten. En zo blijft het de hele tocht. Het is net alsof we langs allerlei schilderijen van 'Bob Ross' wandelen, zo onwerkelijk mooi zijn de uitzichten hier. Om elke bocht halen we weer het fototoestel tevoorschijn.

De temperatuur loopt alweer snel op en om 10uur staat het zonnetje al zo hard te stralen dat we ons totaal lek zweten. Maar ja, liever zo, dan regen. Tegen elf uur gaan we aan de beklimming naar Bahundanda beginnen dat op 1270meter ligt. We zijn van plan om daar te lunchen, maar nu zitten we nog op 900meter, dus we moeten nog even doorbijten.

De beklimming naar Bahundanda is flink steil en valt vooral voor mij zwaar tegen. Om de 10 minuten moeten we stoppen omdat ik totaal buiten adem ben. Mijn hart klopt zo snel dat ik me afvraag hoe dat straks moet als we naar de 5400meter willen klimmen.... nou ja dat zijn zorgen voor later, eerst maar eens vandaag doorkomen. Bij Richard lijkt het een stuk makkelijker te gaan, gelukkig heeft een van ons een goede conditie. Helaas heeft hij inmiddels wel een flinke blaar op zijn hiel die aardig in de weg zit. Hebben we al zo vaak gewandeld en nog nooit last van blaren gehad in deze schoenen, zul je net zien... Gelukkig maakt het uitzicht veel goed en doet bijna de vermoeidheid en blaren vergeten. Versleten maar voldaan ploffen we neer bij een knus restaurantje, doen onze schoentjes uit en voetjes omhoog. Pfff...

Tijdens de lunch zien we donkere wolken aan komen drijven vanuit de richting waar we straks heen moeten. Sterker nog in een kwartiertje trekt het helemaal dicht en begint de wind ook flink aan te wakkeren. Ons plan was om in het volgende dorpje te slapen, maar dat is nog 2 uur lopen. De donkergrijze lucht en het geluid van onweer zet ons aan het twijfelen. De eigenares van het restaurant en guesthouse ziet onze bezorgde gezichten en grijpt haar kans; “Het ziet er naar uit dat het erg slecht weer wordt, zouden jullie niet hier willen overnachten?“ het klinkt goed, maar we besluiten om door te gaan. We zitten nog maar op dag twee en willen niet nu al gaan uitlopen op de soort van planning die we (Richard) hebben.


Na de lunch pakken we onze blaren goed in (ik heb er inmiddels ook een) en trekken we de regenhoes over de rugzakken. Met de poncho startklaar zetten we de daling in naar Ghermu, waar we zullen slapen. Hoewel de lucht dreigend grijs is, vallen er maar een paar spetters en komen we droog aan.... Op onze bezwete kleding na dan. In Ghermu is het niet moeilijk om en guesthouse te vinden en al snel worden we uitgenodigd om even naar de kamer te kijken. Als we naar de prijs vragen haalt hij de menukaart er bij. Overnachtingen zijn hier spotgoedkoop, maar ze hebben dan wel graag dat je ook bij hun blijft eten. Op de kaart staat dat de kamer 300roepies is, maar de eigenaar biedt aan om ons wat korting te geven. “50 roepies” zegt 'ie. “Euh... je bedoelt dat je 50 roepies korting geeft?” De eigenaar schud zijn hooft ontkennend. “Nee, jullie kunnen de kamer krijgen voor 50 roepies.” We vragen het nog drie keer na, maar hij begint te lachen dat het echt goed is zo. Oké de kamer is simpel dat moet ik toegeven, maar dit is nog geen 50eurocent.

De menukaart is dezelfde zoals in de meeste guesthouses op de trekking en dat betekent rijst, chowmin, pasta's, gebakken aardappelen, rosti of pannekoeken. We bestellen de gebakken aardappels met groenten en de Zwitserse rosti met kaas. Even later zien we hoe de vrouw des huizes op een gasbrandertje staat te koken bij kaarslicht. Wat zou ze uit het pannetje toveren? Tot onze verbazing komt ze een half uur later met twee heerlijke gerechten uit het keukentje. Hoe krijgt ze het voor elkaar? De gebakken aardappels met groenten smaken zo lekker dat we nog een portie bestellen. We hebben toch al bespaard op de overnachting...

Na het eten komt de man met de hamer langs. Het is nog maar 20.00uur maar wat geeft het, morgen staat er weer een flinke wandeling op het programma, we vallen als een blok in slaap.


Route dag 2: Bhulbule 850m → Ghermu 1156m

Totaal geklommen: 721m (4m/minuut, 2h 27m 40s)

Totaal gedaald: 431m (5m/minuut, 1h 14m 53s)

Hoogste punt: 1288

Gelopen afstand: 13km

Tijd (incl. rust): 7h 43m 29s

Overnachting: Manaslu guesthouse Nrp50/€0,50


Zo 15 april Dag 3 Annapurna trekking Ghermu 1156m -> Tal 1664m

Het is weer 6 uur; dag 3 van de trekking staat voor de deur. Vandaag lopen we naar Tal een dorpje dat op 1700meter ligt. Tijdens het ontbijt zien we dat de lucht al aardig dicht trekt. Hmm... dat is jammer, waarschijnlijk gaan we vandaag wel een buitje op onze kop krijgen. Gelukkig is het zicht wel goed dus kunnen we weer volop genieten van de mooie 'Bob Ross schilderijtjes'.

Het pad is het enige dat de dorpjes met elkaar verbind en dat houdt in dat ons wandelpad ook meteen de enige doorgaande weg is voor de lokale bevolking. Alle boodschappen worden ook via het pad naar de dorpjes vervoerd. En meestal door een kudde bepakte ezels. We worden regelmatig gepasseerd door een kudde en moeten dan ook echt even opzij. Ezels lopen gewoon door, ook als jij in de weg staat. De tip is om aan de bergkant te wachten om te voorkomen dat je door een ezel of ander dier het dal in wordt geduwd. Een keer ervaren we dat dit echt geen overbodig advies is. Als we worden gepasseerd door een kudde ezels krijg ik ineens een kopstoot tegen mijn kont. Blijkbaar stond ik toch nog iets te veel op het pad volgens de ezel.

Behalve rijen ezels, mooie watervallen en kleine Nepalezen met veel te veel bepakking op hun rug komen we ook langs grote velden met bekende groene blaadjes. Hoezo heeft Nepal geen belangrijk exportproduct? Hier zouden zelfs de Rotterdamse koffieshops jaloers op zijn.

Het weer valt alles mee al is de lucht aardig grijs. Het miezert af en toe wat, maar niet zo hard dat we de poncho's aan moeten. Als het later wel wat harder begint te regenen komen we in the middle of nowhere een berghutje tegen. Het is 12.15u dus een mooie plek voor een lunch.

Na de lunch zien we het weer opklaren en komt zelfs het zonnetje er nog even doorheen. We moeten nog maar twee uurtjes... maar nog wel 200meter stijgen.

Altijd lekker om aan het einde van de middag op de plaats van bestemming aan te komen. We nemen een guesthouse en weer krijgen we de kamer voor een spotprijs, dit keer 100 roepies. En ook dit guesthouse heeft een warme douche, heerlijk! Na het eten gaan we wat lezen in bed en ik merk dat om 19.30u mijn ogen al dichtvallen. Geen normale tijd om te gaan slapen, maar ja we doen ook geen dingen die we gewend zijn overdag. We besluiten het licht maar uit te doen en vallen wederom als een blok in slaap.


Route dag 3: Ghermu 1156m → Tal 1664m

Totaal geklommen: 849m (5m/minuut, 2h 24m 40s)

Totaal gedaald: 364m (4m/minuut, 1h 17m 06s)

Hoogste punt: 1686m

Gelopen afstand: 12km

Tijd (incl. rust): 7h 33m 50s

Overnachting: Father&Son guesthouse 100Nrp/€1


Ma 16 april Dag 4 Annapurna trekking Tal 1664m -> Thanchok 2650m

Altijd fijn om een blauwe lucht te zien als je de gordijnen open doet. We boffen maar. Er staat een aardige klim op het programma. De route geeft aan om naar Chame te lopen. Een loop van 8h15 en dat lijkt ons echt gekkenwerk in de bergen. Op het kaartje zien we dat Thamchok ook een mooie stop kan zijn en dat ligt op 6h30 lopen. Nog steeds ver, want we moeten 1200m stijgen, maar misschien beter te doen dan Chame? Na het ontbijt starten we met frisse moed en nemen ons voor om aan te kijken hoe ver we komen.

We starten om 7.15u met lange broek en een thermoshirtje aan, maar na een uurtje warm lopen kunnen we de extra laagjes al uitgooien. Het zonnetje doet zijn best. De klimmen die we vandaag maken zijn zwaar, en ik kan wel zeggen heel zwaar. No pain no gain.


Een beetje noodgedwongen door onze blaren nemen we om 11uur al een lunch en lange rustpauze. Het blijkt geen straf want we worden verrast met een heerlijke pasta en uitzicht op de Annapurna II, die 'maar' 7937m hoog is... Na de lunch pakken we de blaren nog eens extra goed in en met succes, want we lopen een stuk gemakkelijker.

Als we weer aan de voet van een klim staan besluit ik mijn mp3 aan te zetten. Op de klanken van Audioslave hobbel ik naar boven. Wat heerlijk je eigen muziek in je oren en dan deze omgeving en maar doorstappen. Het voelt in ieder geval minder zwaar. Geweldig! Ik krijg zelfs hoop dat die mp3 er wel eens voor zou kunnen zorgen dat ik straks de pas van 5416m haal. Of toch niet?

Het is tegen 15uur als we het dorpje dat voor Thanchok ligt passeren. We besluiten dat Thanchok onze overnachtingsplek wordt voor vandaag. Het zou gekkenwerk zijn om nog verder door te lopen. Als we in Thanchok aan komen zitten we op 2650m en hebben we vandaag in totaal 1200m geklommen. In een van de twee guesthouses die het dorpje rijk is krijgen we een bed aangeboden voor alweer maar 100Nrp. Helaas heeft ze geen warme douche, maar ze kan wel een emmer warm water leveren. Euh... oké nou dan nemen we die maar.


Het eten komt uit Ă©Ă©n pan dat boven een haardvuurtje hangt te pruttelen. Maar de smaak doet niet onder voor een goed restaurant. ...al kan dat ook komen doordat we gewoon erg veel trek hebben na ons wandelingetje...

Route dag 4: Tal 1664m → Thanchok 2650m

Totaal geklommen: 1196m (5m/minuut, 3h 52m 11s)

Totaal gedaald: 222m (5m/minuut, 41m 19s)

Hoogste punt: 2707m

Gelopen afstand: 16km

Tijd (incl. rust): 8h 24m 51s

Overnachting: Himalayan hotel & restaurant 100Npr/€1


Di 17 april Dag 5 Annapurna trekking Thanchok 2650m -> Upper Pisang 3260m

O, wat had ik graag de wekker uit het raam gegooid vanmorgen... brrr als ik mijn neus boven de dekens steek voel ik de kou al. Gelukkig is de lucht wel helder blauw. Een lekker wintersportweertje eigenlijk. Het enige dat mist is een gondel die ons naar 3292m gaat brengen:)

Om 7.15u zijn alle blaren weer ingetaped en gaan we op pad. We zijn nog maar net vertrokken en we worden verwend met de mooiste uitzichten die we tot nu toe hebben gezien. Zucht...Bob Ross in het kwadraat zeg maar.

Hoe verder we lopen hoe dichterbij de sneeuwgrens komt. Maar hoe hoger we komen hoe minder zuurstof en dat merken we goed. In de middag krijg ik bonkende koppijn, wat een bekend symptoom is van hoogteziekte. Gelukkig zakt het snel met een paracetamolletje en een pauze, dus kunnen we verder.


De ijle lucht dwingt ons om langzaam te lopen... heeeel langzaam. Letterlijk schuifelen we voetje voor voetje omhoog naar de 3292m. Met grote dank aan 'killing in the name off' op mijn mp3 bijt ik me door de laatste meters heen.

In de namiddag komen we aan bij onze slaapplaats in het dorpje 'Upper Pisang'. Op een hoogte van 3260m staren we vanuit het restaurant naar buiten. Normaal gesproken in Oostenrijk kijk je op deze hoogte naar beneden om de andere bergtoppen te zien. Hier in Nepal moeten we ons hoofd in de nek leggen om de bergtop voor ons te zien. We staren ademloos naar de Annapurna II met zijn 7937meters...

Tegen de avond komt mijn koppijn weer terug en wordt ik ook misselijk. Shit! Die twee symptomen tegelijk zijn tekenen van acute hoogteziekte. We wachten het af met een paracetamolletje en een goede nachtrust.


Route dag 5: Thanchok 2650m → Upper Pisang 3260m

Totaal geklommen: 1007m (5m/minuut, 3h 18m 59s)

Totaal gedaald: 430m (4m/minuut, 1h 33m 29s)

Hoogste punt: 3292m

Gelopen afstand: 20,5 km

Tijd (incl. rust): 9h 14m 40s

Overnachting: Hotel Manang Marshyangdi 100Nrp/€1


Wo 18 april Dag 6 Annapurna trekking Upper Pisang 3260m -> Manang 3528m

We schrikken van de wekker om 6uur en moeten ons even bedenken waar we zijn, zo vast hebben we geslapen. Het gordijntje hoeven we niet open te doen (want die heeft deze kamer niet) om te zien dat het zonnetje weer vrolijk straalt aan een strakblauwe lucht. Alle hoogteziekteklachten blijken verdwenen, dus we kunnen weer veilig op pad.

Vandaag hopen we naar 'Manang' te lopen en zullen een pas van 3751m(!) moeten passeren. De route biedt gelukkig voldoende mogelijkheden om, als we Manang niet halen, in een eerder dorpje te stoppen. We zien wel waar we uitkomen, dit is geen landschap om doorheen te haasten, zeker niet met het risico op hoogteziekte. Maar... stiekem willen we graag Manang halen vandaag. Dit dorpje op 3528m is namelijk een soort verplichte langere stop om je lichaam te laten wennen aan de hoogte. Behalve dat we deze acclimatisatiedag moeten nemen voor de hoogte hebben we ook wel zin in een dagje helemaal niks. Zucht...O wat verheugen we ons om die schoenen een dag niet aan te hebben.

De route naar Manang is onbeschrijflijk mooi. We genieten van de natuur en laten ons meevoeren met de muziek op onze mp3. Het landschap doet wat met je, het raakt je. Het is best gek wat er allemaal in je gedachten opkomt lopend door dit schildersdoek. Ik vraag me af waarom wij het verdienen hier te zijn? Hoe zou het zijn als je hier geboren wordt, als dit je wereld is en je nooit ergens anders komt? Mijn gedachten dwalen af naar de landen waar we geweest zijn. Waarom cremeren ze in India mensen langs de Ganges terwijl er links een koe door hun as loopt te snuffelen en rechts een kind zit te poepen en verderop cricket gespeeld wordt? Waarom gebruiken ze in Vietnam de Mekong als een riool en afvalverwerking, als ze ook moeten drinken, eten en leven van hetzelfde water? Waarom betalen sommige van onze gepensioneerde landgenoten met vreselijk verkeerde bedoelingen voor een kind van 12 in Cambodja? Waarom gaan er zoveel mensen dood aan armoede terwijl anderen omkomen in hun welvaart? Waarom leven ze in Laos zo doodgewoon simpel en vredig en waarom trekt me dat zo aan, terwijl ik het in Nederland niet kan? Waarom deze vragen, nu in dit landschap, is er dan toch zoiets als je lot of je pad?

Met onze gedachten in de wolken en een soort van 'adrenalinerush' van de uitzichten slepen we ons over de pas van 3751m heen. Wat een mijlpaal! Zelfs op de wintersport zijn we nog nooit zo hoog geweest. Laat staan dat we ooit met onze eigen voeten naar deze hoogte gelopen zijn. En dan is dit nog maar dag 6 van de trekking...

De laatste uurtjes naar Manang zijn zwaar en onze blaren (die inmiddels verdubbeld zijn) laten bij elke stap weten dat ze er zijn. Alsof we ze zouden kunnen vergeten. We denken aan de rustdag die ons staat te wachten en we lopen puffend, maar vastberaden door. De kamer die we in Manang kiezen heeft een koude douche en een authentiek Aziatisch toiletje. Maar het mag de pret niet drukken want vanuit ons bed hebben we een panoramisch uitzicht op de Himalaya!


Route Dag 6: ` Upper Pisang 3260m → Manang 3528m

Totaal geklommen: 932m (5m/minuut, 2h 51m 06s

Totaal gedaald: 670m (5m/minuut, 1h 58m 48s)

Hoogste punt: 3751m

Gelopen afstand: 19,5 km

Tijd (incl. rust): 8h 41m 31s

Overnachting: Himalayan Singi Restaurant & Bar 150Nrp/€1,50

Do 19 april Dag 7 Annapurna trekking RUSTDAG in Manang

Heerlijk! Het is onze rustdag vandaag. We kunnen uitslapen, maar gewend aan de dagelijkse wekker van 6uur schrikken we om 6.30u klaarwakker. Dan maar een lekker ontbijtje in het restaurant. Daarna even de was doen in het ijskoude smeltwater en dan.... helemaal niks. Tegen een uurtje of 11 valt ons oog op een rooftop terrasje dat perfect in het zonnetje ligt en uitkijkt op de Himalaya. We settelen ons met een leesboekje en de mp3-tjes en vertoeven daar totdat de zon onder gaat.

Ik schuif tussendoor nog even aan bij de informatiebijeenkomst over hoogteziekten. Dat blijkt een verstandige keus. We krijgen het advies om vandaag nog met de hoogteziektetabletten (die we bij ons hebben) te beginnen. Ik moet ze sowieso nemen omdat ik al eerder op de route verschijnselen heb gehad. Blijkbaar wijst dit op een verhoogd risico op hoogteziekte. Richard wordt ook aangeraden te starten, gewoon ter voorkoming van.

En onze voetjes? De hele dag lopen we zonder blaarpleisters op onze blote voeten. Wat heerlijk!


Route dag 7: bed → restaurant → rooftop → restaurant → bed

Totaal geklommen: 3 trappen

Totaal gedaald: 3 trappen

Hoogste punt: Manang 3528m

Gelopen afstand: 10 meter

Tijd (incl. rust): 40uur

Overnachting: Himalayan Singi Restaurant & Bar 150Nrp/€1,50


Vr 20 april Dag 8 Annapurna trekking Manang 3528m -> Yak Kharka 4025m

Vandaag hebben we een relatief korte wandeling gepland van 3uur (zonder rust). Maar het is er wel eentje die ons voor het eerst over de 4000m zal brengen! Voordat we het dorpje verlaten lopen we eerst nog even langs het bakkertje dat we gisteren ontdekt hebben. Natuurlijk bestel ik een Yak cheese sandwich om mijn gemis aan kaas te stillen. Richard bestelt een stuk appeltaart en een kaneeldonut, ook geen verkeerde keus. Bij het winkeltje verderop kopen wat extra rolletjes tape, want we zijn inmiddels door onze blaarpleisters heen. We lopen ook nog even langs een 'safe drinking post' waar gefilterd water te koop is voor 40roepies per liter in plaats van de 180roepies die de hotels vragen. Tja we moeten toch op het budget letten willen we het een jaar vol houden.


Tegen 9 uur zijn we eindelijk klaar en lopen we het dorpje uit. Het weer is geweldig en de lucht is helderblauw. Aan de rand van het dorp kunnen we de extra laagjes kleding alweer uitrekken. Heerlijk in korte broek en shirtje kunnen we aan de steile(!) klim beginnen. Al snel zijn we weer in ademnood en schakelen we als vanzelf een paar versnellingen terug. Voetje voor voetje schuifelen we weer naar boven. Ik val in herhaling ik weet het... maar het uitzicht...geweldig! Wat een wereld!

Opeens hoor ik achter mij een enthousiast gejubel. Ik draai me om en zie hoe Richard op zijn horloge wijst..... “Wat!!” “We zijn de 4000m gepasseerd!!!” Het geeft ons de nodige energie en we lopen de rest van de route, niet gemakkelijk dat zou overdreven zijn, maar wel rustig uit.


Tegen 13uur komen we aan in Yak Kharka. We kiezen een guesthouse met tuin en ligstoelstjes om de rest van de middag bakkend in het zonnetje door te brengen. Af en toe worden we opgeschrikt door paarden die ons nieuwsgierig komen begroeten, Yaks die langslopen en een paar grote adelaren die sierlijk boven ons door de lucht zweven. Wat een dag!


Route dag 8: Manang 3528m → Yak Kharka 4025m

Totaal geklommen: 578m (4m/minuut, 2h 12m 21s)

Totaal gedaald: 110m (3m/minuut, 29m 30s)

Hoogste punt: 4025m

Gelopen afstand: 9 km

Tijd (incl. rust): 4h 21m 47s

Overnachting: 150Nrp/€1,50

Za 21 april Dag 9 Annapurna trekking Yak Kharka 4025 -> Thorung Pedi 4509m

Hoe warm we gistermiddag in het zonnetje lagen, zo koud was het vannacht in ons houten hutje. Met sokken, lange broek, thermoshirt, extra t-shirt, een fleece vest en twee dekens per persoon was het net te doen. Brrrrr... bizar hoe groot het temperatuurverschil hier is tussen dag en nacht.


De etappe van vandaag is geen lange, maar alles wat we lopen is wel boven de 4000. Dat betekent buffelen. Het landschap verandert aanzienlijk op deze hoogte. We zien geen bomen meer, slechts hier en daar een struikje. De watervallen op de route veranderen in langgerekte ijspegels en ook de dieren die hier leven zijn andere. We zijn nu in het land van de adelaars en de yaks. De adelaars zijn zo groot, zo hebben we ze nog nooit gezien. Je herkent ze aan de grote schaduw die over je heen valt als er weer een boven je hoofd vliegt. En dan de yaks. Wat een geweldige beesten, en dan bedoel ik niet alleen de heerlijke Yak-kaas die ze geven, maar echt bijzonder hoe die beesten aangepast zijn om op grote hoogte als deze te leven.

Het gaat de dieren makkelijker af dan wij op deze hoogte. Na 2 uurtjes hijgen en puffen naar boven worden we gewaarschuwd door het bord 'Danger landslides'. Als we om de bocht komen begrijpen we wel waarom landverschuivingen hier regelmatig voorkomen. We lopen op een smal paadje van twee voeten breed. Als we naar rechts kijken zien we een steile afgrond die eindigt in een ijskoude snelstromende rivier. Als we naar links kijken loopt de bergwand steil omhoog en is deze bezaaid met allerlei soorten steen, platte, ronde, grote, kleine en rotsblokken wisselen elkaar af en proberen elkaar in evenwicht te houden. De zwaartekracht doet vermoeden dat de hele bergwand elk moment in beweging kan komen. Echt op ons gemak lopen we dus niet, zeker niet als we op de bergwand rechts van ons opeens een partij stenen naar beneden zien schuiven. Ver buiten ons bereik, maar we zijn gewaarschuwd. Omlopen is geen optie, want er is geen ander pad. Snel doorlopen is ook al geen optie want daar is te weinig zuurstof voor. Er zit niets anders op. In een slakkentempo blijven we een half uurtje stug doorlopen en doen we een paar schietgebedjes. Even niet niezen en geen windje laten:)

Tegen 12.30u komen we aan in Thorung Pedi onze eindbestemming... voor vandaag. We hebben nog nooit geslapen op 4500m, en behalve dat dit een supergave belevenis is, is het ook heel erg koud. Ons hutje heeft dunne muren, enkelglas en een houten luikje zonder glas. De kieren, die overal lijken te zitten, geven de snijdende wind vrij spel in onze kamer. Wat ook al niet helpt is dat een uurtje na aankomst de lucht dichttrekt en het begint...... te sneeuwen!! Ik denk dat we vannacht maar 'lepeltje lepeltje' gaan liggen en alles aandoen wat we bij ons hebben.

De douches in de Himalaya zijn een verhaal apart. Ze zijn in alle variaties aanwezig en natuurlijk, hoe hoger je komt hoe primitiever. Zo hebben we douches gehad van warm water op gas (heerlijk maar zeldzaam!), koudlauw water op zonne-energie, een emmertje warm water uit de keuken, een ijskoude douche en ook hebben ze hier douches zonder(?) water.

Vandaag hebben we een houten hutje met een steenkoude betonnen vloer en kunnen we voor 150 roepies een emmertje heet water meekrijgen uit de keuken. Hmm...geen heel aantrekkelijk aanbod, maar gisteren hadden we een douche zonder water en de dag daarvoor hebben we geen gebruik gemaakt van de ijskoude douche. Dus even later loop ik door sneeuw en wind met mijn toilettas, handdoek en emmertje heet water naar het houten hutje. Brrr... Het hutje is geplaatst naast het toilet dat niet regelmatig wordt doorgespoeld. En voor het gemak is het dak gemaakt van golfplaten die nu door de wind worden opgetild, zodat het sneeuwt in het douchehokje. Nog meer details weten? Nou ja, het uitzicht door het raampje is erg mooi want ik kijk uit over een ravijn en een steile bergwand. Als ik de keer daarna weer opkijk om van het uitzicht te genieten staat er ineens een paard met zijn kop pal voor het raam....Whoaaaa!!


Genoeg avonturen voor vandaag, de rest van de middag brengen we door in het restaurantje. Iedereen die hier blijft slapen is op hetzelfde idee gekomen dus het is gezellig druk. We komen veel mensen tegen die we al eerder op de route hebben gezien.


Buiten wordt het steeds witter en hoewel dat een erg mooi uitzicht geeft, het zijn misschien niet de meest ideale condities om morgen een pas van 5416m over te gaan. Want inderdaad de 'top of the walks' staat morgen op het programma. We bestellen een 'warme black tea met home-made apple pie' en wachten maar af.


Route dag 9: Yak Kharka 4025 → Thorung Pedi 4509m

Totaal geklommen: 570m (4m/minuut, 2h 06m 00s)

Totaal gedaald: 102m (3m/minuut, 28m 57s)

Hoogste punt: 4516m

Gelopen afstand: 6km

Tijd (incl. rust): 4h 33m 54s

Overnachting: High Camp Lodge 100Nrp/€1,-


Zo 22 april Dag 10 Annapurna trekking Thorung Pedi 4509m -> Muktinath 3800m

De thermometer op Richard's horloge geeft aan dat het 2 graden is.... en dat horloge ligt in onze slaapkamer(!). De twee dekens, sokken, lange broek, thermoshirt, t-shirt, extra t-shirt, fleecevest, handschoenen en skimuts konden de kou helaas niet buiten houden. Bibberend en slaapwandelend loop ik met de zaklamp naar buiten, naar het houten hokje dat het toilet heet. De sneeuw kraakt onder mijn voeten. Het is nog geen 5 uur. Als ik naar boven kijk zie ik heel veel sterren. Mooi! Het is onbewolkt. Als straks de zon opkomt kan het een mooie dag worden om een pas van 5416meter over te gaan.

Na een licht ontbijt wordt de zon ook wakker en beschijnt ze de bergtoppen met een mooie rode gloed. Half zes. We gaan op pad! Het landschap is betoverend mooi, misschien nog wel mooier door de verse laag sneeuw die gisteren is gevallen. Bij de tweede haarspeldbocht worden we uit onze droom geholpen. Het is zwaar en het gebrek aan zuurstof put ons snel uit. Gefocust op ons doel schuifelen we naar boven. In slowmotion. Om de 20 minuten stoppen we 5 minuten om op adem te komen. De mp3-tjes gaan aan, een beetje arbeidsvitamine kunnen we wel gebruiken.

We zijn een uurtje op weg als we de eerste lopers alweer naar beneden zien komen. Te veel last van de hoogte, onverstandig om door te gaan, ze gaan het morgen weer proberen. Pfff... de twijfel slaat wel even toe, maar we voelen ons nog goed, tenminste.... geen hoofdpijn of misselijk, dus we kunnen door.


We gaan op de 5000meter af, we pakken elkaars hand en volgen de hoogtemeter op het horloge.... nog een paar stapjes.... jaaaa weer een mijlpaal!!

Nog 414hoogtemeters te gaan. We kijken naar boven, maar kunnen nog niet zien wat de pas zou moeten markeren. Nog maar eens de mp3 raadplegen, genieten van het uitzicht en lopen – stoppen – lopen – stoppen – lopen.... Als je maar lang genoeg volhoudt, dan... wat wappert daar? Zien we het goed, of is het stille hoop? Nee het zijn ze echt; de gebedsvlaggen zijn in zicht. Met vernieuwde energie lopen we door, de moeheid is even weg en de blaren vergeten.

En dan....

We hebben 'm!!!!!!

Natuurlijk nemen we een lange pauze op de bergpas en laten dit moment goed op ons inwerken. Maar alles wat naar boven gaat, moet ook weer een keer naar beneden. Om precies te zijn nog 1675meter naar het eerstvolgende dorpje. En dat is, kan ik je achteraf vertellen, een goed recept voor zere knieën en 4 dagen spierpijn.


Op de terugweg vindt moeder natuur dat we het wel genoeg getroffen hebben met het weer. De grijze wolken pakken samen, de temperatuur daalt en we worden getrakteerd op een sneeuwstorm met flinke windvlagen. Hoe verder we afdalen hoe slechter het wordt. Op de hoogtemeter zien we dat we er bijna zouden moeten zijn en als opeens de wolken opzij schuiven blijkt dat te kloppen.


In het dorpje Muktinath valt Richard z'n oog op, hoe kan het ook anders, het Bob Marley Hotel & Reggae Rock Restaurant. Na 11½ uur buiten spelen settelen we ons voor 100 'roepieroepie'. We kiezen een plekje bij de kachel in het restaurant en bestellen….natuurlijk een biertje!


Route dag 10: Thorung Pedi 4509m → Thorung pas 5416m → Muktinath 3741

Totaal geklommen: 980m (4m/minuut, 3h 35m 28s)

Totaal gedaald: 1831m (7m/minuut, 4h 17m 23s)

Hoogste punt: 5416m

Gelopen afstand: 16km

Tijd (incl. rust): 11h 30m 39s

Overnachting: Bob Marley Hotel & Reggae Rock Restaurant 100Rps/€1,-


Ma 23 april Dag 11 Annapurna trekking Muktinath 3741m -> Kagbeni 2935m

We hadden het nog makkelijk 2 weken kunnen uithouden bij het Bob Marley Hotel. Ware het niet dat het nog twee dagen lopen is naar het echte eindpunt; Jomsom. Vanuit Jomsom zullen we het vliegtuig pakken naar Pokhara...en dan, dan pas kunnen de voetjes echt omhoog.

De wind steekt na elf uur op en met ware rukwinden lopen tegen de wind in de bergwand af. De wandeling van vandaag voelt eigenlijk een beetje als een 'moetje'. We lopen met klutsknieën en spierpijn nog een extra 1100meter naar beneden, naar Kagbeni. Maar dan worden we wel beloond met een overnachting in het echte Nepalese 'Hilton Hotel' voor maar liefst €1,50. Waarschijnlijk het enige Hilton hotel zonder warm water.


Route dag 11: Muktinath 3741m → Kagbeni 2935m

Totaal geklommen: 283m (7m/minuut, 0h 37m 23s

Totaal gedaald: 1104m (7m/minuut, 2h 29m 53s)

Hoogste punt: 3741m

Gelopen afstand: 10km

Tijd (incl. rust): 4h 29m 10s

Overnachting: Hill Ton Hotel 150Rps/€1,50


Di 24 april Dag 12 Annapurna trekking Kagbeni 2935m -> Jomsom 2875m

De laatste dag is aangebroken. Waarschijnlijk is het vandaag de makkelijkste loop van heel de route, maar zo voelt het niet. De sterke wind giert door de vallei die we moeten doorkruisen. En dan die beentjes en blaren... Wat het zwaarst is, moet het zwaarst wegen zei iemand eens tegen mij. We bijten door totdat we eindelijk het verlossende 'welcome to Jomsom' zien staan. Yeah!!


Route dag 12: Kagbeni 2935m → Jomsom 2875m

Totaal geklommen: 214m (7m/minuut, 0h 30m 12s)

Totaal gedaald: 258m (5m/minuut, oh 43m 42s)

Hoogste punt: 2935m

Gelopen afstand: 9km

Tijd (incl. rust): 1h 56m 10s

Overnachting: Hotel Trekkers Inn 300Nrp/€3,-


Wo 25 april Dag 13 Annapurna trekking Vlucht van Jomsom naar Phokara

Het is 5.30u we zitten op het vliegveld van Jomsom. Met een beetje mazzel hebben we gisteren nog een vliegticket kunnen bemachtigen in het twinottertje dat maar 19 stoelen heeft. Een vroege vlucht dat wel, maar alle andere zaten de komende dagen vol.

De vlucht is maar 25 minuten. Net genoeg tijd om mijn neus helemaal plat te drukken tegen het raam. Wat een uitzicht, het is kraakhelder. Als het vliegtuig op 6000meter vliegt en je moet naar boven kijken om de top van de berg te zien ...dan zijn de bergen echt hoog! ..en het vliegtuig een beetje laag:)


We zijn weer in Pokhara!

Voetjes omhoog en oogjes dicht... slaap lekker.

BEKIJK HIER DE CLIP: http://www.youtube.com/watch?v=lWcC8owjxu8

***




BACK TO THE '60S IN POKHARA

Dinsdag 10 april Pokhara Viewpoint lodge (Nrp400)

We hebben al veel soorten vervoer gehad, maar een paard en wagen stond nog niet in het rijtje. Het is een oud beestje, maar het heeft nog genoeg PK om ons over de tamelijk ongelijke weggetjes te vervoeren. Gelukkig voor het beessie is het maar een kort ritje naar het busstation.

Bij het busstation aangekomen moeten we eventjes wachten voordat de bus vertrekt. De bus ziet er vrij comfortabel uit. Tijdens het wachten ontmoeten we een Duitse jongen van een jaar of 24. Aan z'n baard te zien is hij al een tijdje aan het reizen. Hij is ook op weg naar Pokhara. Het is een beetje een dromer met een gitaartje en hij kan cannabis wel waarderen. Hij praat op een superrelaxte, wat afwezige manier, uh...weetjewel.... Peace jeah...! Een aardige gast!

Als de bus zo'n uurtje onderweg is begint het landschap aardig te heuvelen. Pokhara ligt op zich niet hoog, maar is wel de plek waar vandaan we ons gaan voorbereiden op een trekking door de Himalaya, namelijk de Annapurna Trekking. Het eerste zicht op de voorzichtige bergen maakt ons enthousiast.

Bij aankomst regelen we snel een taxi en dat betekent hier een heel klein model suzuki. We moeten naar de andere kant van de stad, want we willen net een beetje buiten de drukte zitten. Met stevig afdingen krijgen we uiteindelijk een goede prijs.

We hebben een guesthouse uitgekozen met uitzicht op het meer en lekker goedkoop. En dat lekker goedkoop ligt niet aan het uitzicht, maar aan de kamer. Tjonge, jonge, heb je een guesthouse met zo'n uitzicht, is de kamer echt helemaal goor en valt van ellende uit elkaar. Het is dat we net een lange reis achter de rug hebben en dus echt geen zin hebben om direct weer te verkassen...

Pokhara is een leuk en relaxed stadje. Het ligt langs een groot meer, met in de rug een aantal besneeuwde toppen van de Himalaya. Het stadje geeft ons een waar festival gevoel. Zowat iedereen heeft dreadlocks en loopt erbij als een hippie uit de jaren '60. Ook het eten, drinken en andere 'versnaperingen' zijn afgestemd op de behoeften van de hippies. We voelen ons eigenlijk wel snel thuis:)

We slenteren wat langs de vele barretjes, restaurantje en winkeltjes in de langgerekte straat die Pokhara eigenlijk is. Het is goed weer en dat nodigt ons al gauw uit om lekker aan het meer te gaan zitten. Inmiddels hebben we op onze weg langs het meer al een onderkomen gevonden en voor morgen geboekt. Mooi! Vanavond even doorbijten en morgenvroeg wegwezen.

Voordat we bij het meer waren neergestreken zijn we ook even bij een apotheek gestopt. We zijn allebei dan wel van onze lichamelijke klachten af, maar het advies van de dokter was om toch even een 'stooltest' te laten doen. Laat er bij deze apotheek nou net een uithangbord hangen die deze test aankondigt. Het kost een euro per persoon en dat bedrag roept bij ons (met name bij An) de nodige argwaan op. Hoe kan zo'n test voor deze prijs betrouwbaar zijn? Nou ja laten we de gok maar nemen. We krijgen 2 potjes mee en een tandenstoker mee als schepje? Nou ja, dat zijn wellicht zorgen voor morgenochtend.

S'avonds stellen we het terug gaan naar ons eigenaardige hotel zo lang mogelijk uit door bij het Freedom Cafe te blijven hangen. Een plek die we wel vaker zullen gaan bezoeken, vrees ik. Het is een relaxte tent (een goede vibe, weetjewel) aan het meer. Je kan er goed eten en drinken (bier, pizza en fajitas) en er is gratis wifi. Als klap op de vuurpijl wordt er ook nog live muziek gemaakt op het open podium. Iedereen, maar dan ook echt iedereen, mag het podium opstappen om te laten horen wat 'ie in zich heeft..... Vanavond betekent dat vrije expressie door een groep hippie-achtige figuren. Ze maken met elkaar een soort ambiënt muziek, waarbij een wat oudere man de vrije expressie iets te serieus neemt. Het is werkelijk geen gehoor. Hij doet voorkomen alsof hij helemaal opgaat in de muziek en de geesten uit andere werelden aan het oproepen is. Persoonlijk heb ik een beetje m'n twijfels bij mensen met teveel ringen, oorbellen, baardharen, dreadlocks, gekleurde kleding, een lang gekrulde wandel-(lees tover) stok en blote voeten. Waar is het misgegaan? Die ene trip? Die foute paddestoel? Ik weet het niet hoor. Wellicht is het een vooroordeel en is mijn geest nog niet zo vrij, misschien verlaat ik Nepal straks zelf ook met dreadlocks...

Woensdag 11 april Pokhara Bishnu lodge (Nrp700)

Wakker worden, tas inpakken, stukkie lopen en heel gauw onze kamer in de Bishnu Lodge betrekken. Dat is eigenlijk wat we voor 8uur vanochtend hebben gedaan. Als we zijn ingechecked en alles op z'n plek staat (met andere woorden als de tassen in de hoek zijn gegooid) nemen we een lekker ontbijtje bij het nu al door ons geliefde Freedom Cafe.

Omdat we besloten hebben 'de test' bij de apotheek te ondergaan, staan we na het ontbijt om en om in de wc met een potje en een tandenstoker. Een uur later en een euro lichter is de uitslag er al. Voor An is de uitslag goed, het antibioticakuurtje heeft zijn werk gedaan. Bij mij wordt een verhoogde waarde van bacteriën gezien, dus ik kan ook starten met een kuur. We gaan er maar vanuit dat de uitslagen betrouwbaar zijn en kunnen ons nu echt gaan voorbereiden op onze tocht.

Donderdag 12 april Pokhara Bishnu lodge (Nrp700)

Nadat we alles op bed hebben uitgestald wat de komende dagen meemoet, gaan we de stad in. Onze eerste stop ligt aan de andere kant van Pokhara. Het is de plek waar we onze vergunningen moeten halen. We hebben 2 verschillende per persoon nodig, dit omdat we zonder gids of dragers gaan. Het verloopt vrij soepel en al snel staan we buiten met noodzakelijke paperassen.

Bij een kraampje net buiten het kantoor pakken we een fruitsapje (inclusief vliegen om je hoofd), waarna het tijd is om wat inkopen te doen. We hebben een lijstje gemaakt met spullen die we nodig hebben. Waterzuiveringstabletten, poncho, handdoek, energierepen, noten/chocola, batterijen, enz. enz. Zo rond lunchtijd zijn we klaar en nemen we een break aan het meer.

Na de break, nog voor het avondeten, pakt An de spullen in. Morgen checken we uit en kunnen we de rest van onze spullen achterlaten in de Bishnu Lodge. Ik regel een taxi naar het busstation en een busrit (zo'n 5 uur) naar Besi Sahar. Het startpunt morgen. De eigenaar van ons guesthouse is hartstikke aardig en helpt ons uitstekend.

De rest van de avond ploffen we neer in het café aan de overkant (ons stamcafé). Terwijl we met Nederland aan het skypen zijn wordt ons een stuk spacecake aangeboden door iemand op blote voeten en een lang gekrulde wandel- (lees tover) stok. 'Nu even niet, ik heb m'n schoonmoeder aan de lijn'...

***

CHITWAN, EVEN RELAXEN EN DAN....

Vrijdag 6 april Chitwan National Park Chitwan Gaida Lodge (Nrp900)

Met behulp van een fietstaxi, een lokale bus, nog een lokale bus en nog een mini bus komen we na een uurtje of zeven hobbelen aan bij het Chitwan National Park. En dat alles voor een euro of 7 (720rp). Het Chitwan National Park is een natuurgebied dat met name bekend staat om haar nogal grote logge inwoners, oftewel neushoorns. Verder leven er ook tijgers, apen, krokodillen en nog veel meer wild. Wij hebben besloten om even niet wild te doen en gaan eerst een aantal dagen niks doen. Het is onze eerste echte stop in Nepal en we hebben een wat luxer onderkomen dan normaal uitgekozen. We hebben een mooie veranda met lekkere stoelen, wifi, bediening aan huis, goed eten (pizza, patat), Everest bier (650ml per fles) een mooie grote schone bungalow en een warme douche. De neushoorns moeten nog maar even wachten...


Zaterdag 7 april Chitwan National Park Chitwan Gaida Lodge (Nrp900)

An lijkt na haar antibiotcakuurtje langzaam van al haar lichamelijke ongenoegens af te raken. Helaas nu ben ik aan de beurt. Gelukkig hoeven we niks en is de wc in de buurt. We zetten in op goed uitzieken zodat we straks 'fit' aan de trekking van twee weken door de himalaya kunnen beginnen. Links naast onze bungalow ligt een vijvertje. Soms zien we er bijzondere vogels, maar wat echt bijzonder is leeft onder het wateroppervlak. Iedere dag, aan het einde van de middag, wordt er 'iets' in de vijver gevoerd. Er worden een paar handen vol dierlijke ingewanden in het water gegooid en enkele tellen later worden die naar beneden gezogen. Je ziet verder niks, maar het is duidelijk dat er iets zit dat van dierlijke ingewanden houdt. Ook de mensen van de lodge weten niet wat voor soort het is. Het is een vis, maar wat voor een is niet bekend. De vijver zelf is niet zo groot. Zes bij zes hooguit. Heel af en toe hebben we wel de rug van een vis gezien, maar daar bleef het dan ook bij. Pootje baden doen we maar even niet...


Zondag 8 april Chitwan National Park Chitwan Gaida Lodge (Nrp900)

Nog steeds niet helemaal klachtenvrij, maar alweer behoorlijk opgeknapt. En langzaamaan krijgen we zin om Chitwan te verkennen. Jongens van de lodge hebben al een aantal pogingen gewaagd om ons een tour door het park te slijten, maar wij willen liever nog even verder kijken. Er zijn 2 mogelijkheden om het park en met name de neushoorns te spotten. Op de rug van een olifant of te voet. Op een olifant betekent met vier man in een te klein bakkie zitten dat op zijn rug zit vastgeknoopt. En dat voor een flink bedrag 2 uur oncomfortabel hobbelen. Hoewel wordt gezegd dat dit een van de betere manieren is om de neushoorns te spotten, kiezen wij toch voor de variant te voet. Dit is echter niet zonder risico's, want het komt nog weleens voor dat neushoorns als een dwaze op je af komen rennen. Het zijn op zich bange beesten, maar nogal groot. En omdat ze slecht zien en heel goed horen. Voelen ze zich bij het minste geluid bedreigd en stormen ze gewoon met hun hoorn in de richting van het geluid. Ongelukken gebeuren echter zelden....


In het dorpje ontmoeten we al snel een ranger die voor ons een tochtje kan regelen. Het is een praatjesmaker en laat ons niet met rust. Wanneer we ergens wat zitten te drinken probeert hij het weer onder het mom van een gezellig praatje. Enigszins gepeperd laat ik merken dat ik het goed zat ben. Even later boeken we eenzelfde tour bij een andere, stuk relaxtere, ranger. We kiezen voor een kano en junglewalk met gids.

Omdat ik nog niet helemaal lekker ben gaan we daarna direct weer terug. En dat is maar goed ook, want het begint voor de derde keer op rij te onweren. Vanaf onze veranda kijken we bewonderend naar de bliksemschichten die door de lucht vliegen. Hopen maar dat het opklaart voor onze jungletocht morgen....


Maandag 9 april Chitwan National Park Chitwan Gaida Lodge (Nrp900)

Samen met een Duits meisje volgen we onze gids en z'n hulp. De gids is een eindje in 50 en al jaren een van de rangers in het park. Hij is geboren en getogen in dit gebied en kent het op zijn duimpje. En dat is op zich een prettig idee. We lopen richting de rivier die langs het park loopt. Daar liggen een behoorlijk aantal hele smalle kano's te wachten op de mensen die vandaag neushoorns gaan spotten. We hebben geluk want we zijn maar met z'n drieën. In tegenstelling tot de andere groepen die met een mannetje of 12 staan te wachten. Eenmaal op het water worden we ingehaald door een kano met een stuk of zeven Engelse grietjes. Ze praten en lachen zo hard, dat zelfs de olifanten langs de kant hun poten voor hun oren houden. Gelukkig hoeven we daar straks niet mee het park in.


We weten dat de rivier wordt bevolkt door krokodillen en al gauw worden we er door onze gids op een gewezen. Het is een redelijk groot groen exemplaar, die rustig op de oever van de rivier ligt te loeren.

Even later zien we nog een kingfisher en twee grote (hele grote) aasgieren. Maar het echte avontuur moet nog beginnen. Na een half uurtje varen gaan we aan wal. Ook de club Engelse dames arriveert en onze gids reageert snel op dit aanstormende gevaar en loodst ons met snelle passen het hoge gras richting het bos in. We moeten moeite doen om hem bij te houden, later legt hij uit dat dit de kans vergroot om neushoorns te spotten. “Als we hun blijven kunnen jullie het vergeten om een neushoorn te zien.” Hmmm...Ik mag 'm wel deze gids. Wat we moeten doen wanneer we een neushoorn zien wordt ons niet meer verteld, maar we zijn als eerste groep bij het bos!


In gedachten beeld ik me in wat ik zou doen als er een neushoorn op me af komt rennen. In een boom klimmen of me er stil achter verschuilen lijkt me het slimste. Ik zie me al staan, met de adem ingehouden, achter een boom. En dat dan langzaam die hoorn links van mij in m'n gezichtsveld komt. Dan roep ik heel hard BOE! En rent die neushoorn hopelijk gillend weg.


Dan komt plotseling de gids tot stilstand en hurkt door z'n knieën. We botsen bijna tegen 'm op. Hij heeft blijkbaar iets gezien of gehoord. Wanneer hij iets links van ons wijst zien we een groep wilde herten. Enigszins opgelucht halen we weer adem en staren een tijdje naar de herten, die niet veel later verder het bos galopperen. Met voor en achter ons een gids vervolgen we de weg, verder het bos in. En dan gebeurt het. Wederom komt onze gids plotseling tot stilstand. Gewend aan zijn manoeuvre stoppen ook wij nu op tijd. Hij gebaart ons te blijven waar we staan. Langzaam kruipt hij verder door het bos. Hij is een meter of tien verder wanneer hij gebaart dat we stilletjes naar hem toe moeten sluipen. Met het gebonk van m'n hart in m'n keel kijk ik over de schouder van de gids het bos in. We zien niks, maar horen plotseling takken kraken en doffe klappen op de bosvloer. Dan zien we een grijze schim en onze gids roept “get back, get back”. We rennen een stuk terug, onderwijl zoekend naar een boom. Ik besef dan dat BOE roepen geen zin zal hebben. Na een kort sprintje horen we niks meer en lijkt de kust weer veilig. We zuchten diep en zitten vol adrenaline. Wat een kick zeg. De gids legt uit dat het een neushoorn was, maar helaas hebben we hem niet heel goed kunnen zien. Bijzonder spannend is het wel.


Niet veel later. Hetzelfde ritueel. Maar nu hebben we goed zicht en zien we de neushoorn zo'n 30 meter van ons vandaan bij een grote boom. Niet normaal hoe groot en massief dat beest is. Hij ziet er ook echt prehistorisch uit!

Als die op je afstormt en je te grazen neemt, dan is er niet veel meer van over. Ook nu weer reageert de neushoorn op het minste geringste geluid en moeten we enkele momenten later een stuk wegrennen. Weer zoeken we naar een boom, terwijl we met een hand proberen te filmen of te fotograferen. Dit moet op de gevoelige plaat. Het risico op een voetafdruk op m'n rug neem ik blijkbaar op de koop toe. Het is een gave tocht zo. We zijn blij dat we niet bovenop een olifant geklommen zijn. Op deze manier beleef je het veel beter volgens ons.


Op de terugweg tikt An de gids op z'n schouders. We lopen nog steeds in een rijtje als ik An in alle rust(?) de gids erop attent zie maken dat er links van ons een neushoorn op de grond ligt. Het is niet te geloven. Zonder ook maar een enkele tak ertussen ligt nog geen 15 meter verderop een neushoorn te slapen. Oeps die hadden we toch bijna over het hoofd gezien. We zijn erg dankbaar dat het kolossale beest ligt te knorren en ons niet heeft gehoord. De gids neemt ons gauw en stilletjes een stuk ervandaan. We kijken nog een tijdje en lopen vervolgens het park uit richting de rivier.


Bekijk hier de clip: http://www.youtube.com/watch?v=BF6Dd2_yd2o


***















YESSSSSSSSSS, NEPAL!!!

Donderdag 5 april Baghawah Glasgow hotel (Nrp900)

Nog een paar passen lopen en we laten India achter ons. We zijn zojuist uit de bus gestapt vanuit Varanassi. Het is voor ons beide een verademing om India te verlaten. India was gaaf en bizar, maar ook veeleisend. Van veel medereizigers, die vanuit Nepal naar India zijn gereisd, hebben we gehoord dat Nepal een stuk relaxter is. En daar hebben we wel behoefte aan. Letterlijk tellen we onze passen af van tien naar nul. Net niet huppelend gaan we de grens over en laten we onze paspoorten controleren en stempelen. De paspoorten raken zo al aardig vol.

Met een fietstaxi laten we ons naar het hotel brengen. We passen er maar net in, met zijn tweeen in een bakkie en met 4 rugzakken. We zijn zeker 200 kilo en we twijfelen of de fiets het wel gaat houden....en of de benen van deze arme Nepalees het wel aan kunnen. Toch komen we een dikke 20 minuten later aan bij het hotel.


Hoewel het hotel goed staat aangeschreven in de Lonely Planet valt ons op dat het restaurant de laatste tijd weinig klanten heeft ontvangen. Het ziet er nogal vervallen en verlaten uit. Op de tafels ligt een dikke laag stof. Spinnewebben sieren de kapotte ramen en dat wat nog over is van de gordijnen hangt treurig aan de kapotte rails. We bekijken de menukaart die er goed en veelzijdig uit ziet. De jongen die ons helpt spreekt en verstaat geen draad Engels en heeft waarschijnlijk ook nog nooit als ober gewerkt. Als we hem met handen en voeten iets proberen te vragen, rent hij drie verdiepingen naar beneden om z'n baas te raadplegen. Vervolgens rent hij weer 3 trappen omhoog om ons verontschuldigend en ontkennend te antwoorden. Uiteindelijk houden we het maar simpel en bestellen het enige dat ze hebben (nasi goreng) en lachen er maar om. Het gekke is dat onze kamer prima is. Wanneer ik later in de lobby vraag wat er met het restaurant is gebeurd, wordt er uitgelegd dat de baas (een Nepalees die ooit in Glasgow heeft gewoond) ergens anders in Nepal een nieuw hotel/restaurant aan het opzetten is. Veel meer wordt er niet duidelijk.


Inmiddels regent het pijpenstelen. En dat is voor het eerst sinds lange tijd dat we dat meemaken. Ook de stroom is uitgevallen waardoor alles behoorlijk donker is. Ook op straat. Het uitvallen van de stroom is een bekend verschijnsel in Nepal. Er wordt wel veel stroom opgewekt, maar veel wordt verkocht aan India en China. Zodoende blijft er te weinig over voor de Nepalezen zelf. De regering koopt soms wel weer stroom terug van India, maar die vragen er dan 3x meer voor dan waarvoor ze het eerder van Nepal hebben gekocht. De electriciteit komt en daar moeten we gewoon aan wennen. Toch voelt het super om hier te zijn. De mensen zijn aardiger en relaxter. Er hangt een prettige sfeer. Nepal is een land dat hoog op ons verlanglijstje stond en nu zijn we er dan. Het land met de Himalaya en ook de hoogste berg ter wereld. Reizen is zo slecht nog niet.....:)


***


HOLY RIVER, HOLY MOLY

Dinsdag 3 april Varanassi Anda Guesthouse (600rps)

De treinreis van Agra naar Varanassi is een beruchte. We hebben verhalen gehoord van stampvolle treinen waarbij mensen je plaats innemen en niet meer afstaan. Of mensen die uit het raam urineren en dat het vervolgens een paar raampjes verder weer vrolijk naar binnen waait. Er zou ook nog veel gestolen worden... kortom we zitten met enige nervositeit op het station.

Het lijkt erop dat meer backpackers op de hoogte zijn van de verhalen omtrent deze trein, want automatisch zoeken de veel te grote en volgepakte rugzakken elkaar op. Wij worden al gauw vergezeld door een meisje uit Duitsland, die vraagt of ze bij ons mag komen zitten. Ze reist al een tijdje alleen en grotendeels is dat goed gegaan. Wel heeft ze wat nare ervaringen gehad met Indiase mannen (het bekende overdreven staren, roepen en ongewenst aanraken).

We stappen de trein in op zoek naar onze plek. Er zitten al 2 vriendelijke jongens tegenover ons en voor de rest niemand. De grote rugzakken schuiven we onder de bank en maken we met touw aan elkaar en aan het treinstel vast. De kleine rugzakken nemen we mee in bed. We slapen in 2nd sleeperclass. Hiermee zijn we op vorige treinreizen bekend geraakt en wordt veiliger en comfortabeler geacht als de goedkoopste klasse. Wanneer je door het gangpad van de trein loopt heb je links en rechts slaap- (zit)plaatsen. Links heb je 2 slaapplaatsen boven elkaar in de lengte van de trein en rechts heb je twee keer drie slaapplaatsen boven elkaar in de breedte van het treinstel. Het middelste bed klap je uit wanneer je wilt gaan slapen en tot die tijd kunnen je zitten op het onderste bed (bank).


Rond middernacht besluiten we te gaan slapen en dat betekent dat de 5 andere mensen op moeten staan zodat wij een van de middelste bedden kunnen uitklappen. Van de maatschappij krijg je een schoon laken en dan is het een kwestie van ogen dicht en slapen maar. ….Was het maar zo simpel. Naast mij, met een dun wandje ertussen, ligt een Indiase man het volledige regenwoud om te zagen. Ik overweeg om een harde klap op de wand te geven, maar doe het toch maar niet (want waarschijnlijk ligt de wand er dan uit). Op zich zijn Indiase mannen niet zo groot, maar je zal net zien dat wanneer ik een harde klap geef op het wandje, dat mister bodybuilding India om de hoek komt zetten. En me dan met een hand aan m'n enkels uit het raam laat wapperen. Ik doe oordoppen in...


Niet alleen de treinreis naar Varanassi is berucht, maar ook de stad zelf. Het komt erop neer dat we eigenlijk alles wat we tot nu toe gezien, gehoord, gevoeld, ervaren en zelfs geroken hebben maal 10 moeten doen ...en dan heb je Varanassi.


Het is inmiddels ochtend geworden als de trein aankomt op station Varanassi. Ik heb op zich redelijk geslapen en er is ons geen urine om de oren gevlogen. Alleen bij An is er wel wat anders om haar oren gevlogen... zij is vannacht weer ziek geworden en is doorlopend aan de race. Dat dit niet echt comfortabel is in een Indiase trein behoeft waarschijnlijk geen verdere uitleg.


We stappen tegen 12 uur 's middags eindelijk de trein uit en na 3 seconden word ik vergezeld door een ogenschijnlijk aardige Indier. M'n mond valt open van verbazing wanneer ik erachter kom dat het een rickshawchauffeur is. Dat had ik nou echt niet gedacht. An en ik spreken snel een prijs en bestemming met hem af, voordat we het station uitlopen. Dat blijkt een goede keus, want al gauw staat er een mannetje of 20 verbaal aan ons te trekken. Het mooie is dat het de normaalste zaak van de wereld is om elkaar hier openlijk een oor aan te naaien. Onze beoogde chauffeur zou niet goed zijn, te duur, stinken, de weg niet goed weten enzovoorts. En dat terwijl hij gewoon naast ons loopt. Als we eenmaal rijden trekt ook onze chauffeur de gebruikelijke trukendoos open. Hij doet het op een charmante manier en wanneer hij door heeft dat we er niet in gaan tuinen houdt hij uiteindelijk ook op. Ons uitgekozen hotel is helaas vol en dat betekent een rondje hotels. Gelukkig vinden we er een binnen een half uurtje. En dat is gunstig voor An, want zij moet toch echt weer even naar de wc. Weer diarree, buikpijn, hoofdpijn, misselijk en wat lichte koorts. We maken ons zo langzamerhand een beetje zorgen. Er zit voor An niks anders op dan op bed te gaan liggen. We spreken af dat ik een raadplegend mailtje ga sturen aan de huisarts die ons de vaccinaties en reizigersadvies heeft gegeven.


Ik combineer mijn bezoek aan het internetcafé met een bezoek aan een van de vele ghats. Het is een van de grotere. Een ghat is een gedeelte langs de rivier de Ganges. Eigenlijk een hele brede trap die nagenoeg tot aan het water reikt. Iedere ghat heeft zo z'n eigen specifieke gebruiken, waarvan de meest extreme een plek is om in het openbaar overleden mensen te verbranden.

Lopend door een lange straat, met aan weerszijden winkeltje en kraampjes, kom ik uit bij een hele brede druk bezette trap. Mensen eten, drinken, praten, mediteren, wassen, zingen, spelen cricket, schijten langs de rivier etc. Er komt muziek uit een restaurant, waterbuffels staan in de Ganges. Bootjes met toeristen komen voorbij. Er zitten shamans. Het is een aaneenschakeling van indrukken. Ik loop verder naar links langs de rivier. Hier en daar wordt me een boottochtje aangeboden. Maar die staat voor morgenochtend vroeg op de planning, dus ik sla vriendelijk af. Bij de volgende ghat loop ik via wat zeer smalle straatjes terug naar het hotel.


Woensdag 4 april Varanassi Anda Guesthouse (600rps)

Zonsopgangen vragen meer van je dan zonsondergangen. Het is dat er iemand met een bootje op ons wacht, anders had ik me nog lekker een keertje omgedraaid. Het is tenslotte nog maar 5.30u(!). An is eigenlijk nog ziek, “maar ja we zijn nu in Varanassi” zegt ze en hijst zich uit bed. Bij het water worden we ontvangen door een opmerkelijk jong kereltje. Hij neemt ons mee naar een bootje en nodigt ons uit om in te stappen, waarna hij zelf ook instapt en de riemen ter hand neemt. We kijken elkaar slaperig en verbaast aan als we langzaam de Ganges opdrijven. Dit ventje is toch zeker te jong om te werken (denken wij met onze Westerse kijk). De jongen is twaalf en zegt dat hij dit doet voor en na schooltijd. Ook z'n vader werkt en verder is z'n verhaal natuurlijk waterdicht. Hoewel wij ons inmiddels hebben voorgenomen geen enkele vorm van kinderarbeid meer te steunen, gaat het nu toch wat ver om midden op de Ganges de hele tour te staken.


We laten de jongen roeien en hij heeft nog maar net genoeg adem om ons te wijzen op de opkomende zon.

Het is een mooi gezicht op deze mystieke plek. Even later krijgen we van de jongen een kaarsje aangeboden dat in een van bladeren gevlochten standaard zit. De bedoeling is om de kaars op de Ganges te laten drijven. Uiteraard kost het iets, maar het is een mooi offer aan deze heilige rivier. Onze kaarsen zijn alleen geen lang leven beschoren en kapseizen nagenoeg direct wanneer we ze te water laten. Hopelijk gaat dit niet al teveel onheil voor ons opleveren.

In de tussentijd passeren we aan onze linkerkant diverse ghats. Een van de eerste waar we langs varen is een ghat waar mensen hun kleding en textiel wassen. In een rij staan ze kniehoog in de rivier te soppen en vervolgens slaan ze de kleding en doeken met ferme klappen uit op de kade.

Er is al zoveel leven langs de rivier en dat terwijl het nog maar net zes uur is geweest.

Dan komen we aan bij een van de laatste ghats. En dat is eigenlijk de meest indrukwekkende ghat. Hier worden de overledenen gebaad in de rivier en gecremeerd. De lichamen zijn gewikkeld in wit linnen (je ziet het lichaam niet, alleen het hoofd steekt er boven uit) en liggen op de trappen van de ghat. Uiteindelijk na een lange ceremonie geleid door een shaman, worden ze gecremeerd op een grote stapel hout op de kade. Voor hindoes een zeer belangrijk ritueel. Er worden meerdere lijken per dag verbrand.


Inmiddels hebben we er een passagier bij op de boot. Het is een man die ons van alles uitlegt over wat we hier zien. Een soort gids dus. Ik geef hem een zet en hij valt achterover in het water.

Nee hoor, we leggen hem alleraardigst uit dat we geen 'prijs' stellen op z'n verhaal en nemen afscheid voordat hij om een donatie kan vragen. Via andere boten in het water vertrekt hij gelukkig zonder al teveel gedoe. In de tijd die hij had heeft hij benadrukt er geen foto's gemaakt mogen worden. Hindoes geloven in reĂŻncarnatie en een foto zou de weg hier naar toe kunnen verstoren. De ziel zou als het ware aan op het digitale kaartje kunnen blijven plakken, of zoiets. Ik beloof plechtig geen foto's te maken en vraag me zorgelijk af wat er met de ziel van de man of vrouw is gebeurt die ik net op mijn digitale kaartje heb gezet. Oeps! Ter verdediging van mezelf: toen ik de foto's maakte zag ik niet dat er ook echt iemand op de kade lag. Het was namelijk nogal van een afstandje. Uit respect zal ik 'm maar niet hier publiceren.


Na enige tijd het ritueel op afstand te hebben gevolgd moeten we weer terug (onze kapitein moet naar school). Dit keer peddelen we tegen de stroom in. Om onze jonge kapitein een handje te helpen, wisselen we de rollen even om.

Al gauw zwalk ik over de Ganges als een dronken marinier. Het is lastig sturen met het bootje en het is echt behoorlijk zwaar. Om verdere ongelukken te voorkomen wisselen we maar weer van plek. Respect voor het jonge kereltje.

s'Middags check ik de mail. In de hoop dat de huisarts heeft gereageerd op ons bericht. En dat is gelukkig het geval. Afgaande op de symptomen zijn er volgens hem 3 mogelijkheden. Om uit te sluiten welke is een zogeheten test van de stoelgang, oftewel poep onder de loep, noodzakelijk. Het kan geen kwaad om de meegenomen antibiotica in te nemen en An besluit om er direct mee te starten. Hopelijk is het een bacteriële infectie en is het na deze kuur klaar.


Het voelt tegenstrijdig, maar s'avonds lopen we weer langs alle ghats in de richting van degene waar mensen worden gecremeerd. Tegenstrijdig, omdat voor ons een crematie een privéaangelegenheid is en het nou ook niet direct onze hobby is om crematies te bezoeken. Maar onze nieuwsgierigheid en interesse wint het uiteindelijk toch van deze gevoelens. Volgens mij een menselijk patroon, want in de nodige horrorfilms gaat de hoofdpersoon dan uiteindelijk toch ook in de kelder kijken.


De zon is net onder wanneer we aankomen. We staan nu een stuk dichterbij dan de boot en houden het fototoestel uiteraard in de zak. Links van ons liggen 2 grote brandstapels van ongeveer 1,5m hoog. Op de voorste ligt al een overledene ingewikkeld in een laken. Even verder liggen op de trap nog 3 doden ingewikkeld in wit linnen. Het is op zich een macaber schouwspel, maar de Indiërs erom heen gaan rustig door met hun leven of bekijken het een en ander vanaf de trap. Het verdriet van de familie van de overledene grijpt je aan en doet je denken aan de keren dat je in Nederland zelf iemand uit de familie hebt begraven of gecremeerd. Het voelt ook ongemakkelijk, want je hoort hier niet bij te zijn. Het is geen toeristische attractie. Maar je voelt je gek genoeg ook welkom. En het is zo iets van groot belang in deze andere cultuur, dus ook boeiend voor ons om mee te maken.


Een van de brandstapels staat inmiddels aan. En vlammen grijpen het wit linnen en de overledene eronder. Het besef van wat we zien komt en gaat. Wanneer de wind over de oever in onze richting waait krijgen we as in ons gezicht en in onze haren. “Laten we maar gaan”, zeg ik tegen An die al een half uur ademloos zit te kijken.


***

TAJ MAHAL

Zaterdag 31 maart Agra Saniya Palace Hotel 900Rps

We naderen het einde van India nu we in Agra zijn aangekomen. India is een zeer bijzondere ervaring geweest tot nu toe. En vandaag zijn we aangekomen in de stad met een van de beroemdste gebouwen te wereld en misschien wel de mooiste: Taj Mahal.


Al vanaf het dakterras van ons guesthouse kunnen we haar bewonderen. An en ik hebben doorgaans niet heel veel met gebouwen, maar hier staan we toch echt met open mond naar te kijken. En dan te bedenken dat we de Taj Mahal morgen pas echt gaan bezoeken.


Als toeristische trekpleister nummer 1 betaamd werden we bij het busstation direct belaagd door een stuk of 10 rickshaw rijders. Als vliegen op dikke stront krioelen ze om je heen en tetteren ze tegen je aan. We stappen in bij degene die het minst tettert en laten ons naar het Saniya Palace Hotel brengen. Aanvankelijk hadden we een ander hotel bedacht, maar de ons daar aangeboden kamer was in staat van ontbinding (wel goedkoop) en dat gingen we even niet trekken. Dus werd het Saniya Palace, MET AIRCO! Wat een genot...


Op advies van de Lonely Planet lopen we s'avonds naar een restaurantje wat bekend staat om de geweldige lassi (yoghurtdrankje met fruit enzo). En dat willen we dan weleens meemaken. Op het dakterras, een van de weinige zonder uitzicht op de Taj Mahal, bestellen we 2 mixed fruit lassi's en daarna nog 2. Ze zijn inderdaad lekker.

Zondag 1 april Agra Saniya Palace Hotel 900Rps

Als we tegen zes uur (voor zonsopgang) bij de ingang aankomen staat er al een flinke rij bezoekers te wachten. We sluiten netjes aan en even later gaat de poort open. Er is een strenge controle. Je gaat door een metaaldetector en tassen worden doorzocht. Ons meegebrachte ontbijt (koekjes) mogen niet mee naar binnen, dus werken we die in een paar minuten zo snel mogelijk weg. Als we beiden binnen zijn lopen we verder het complex op zonder dat we de Taj Mahal kunnen zien. We zijn met opzet vroeg gegaan, omdat het beroemde gebouw in het licht van de opkomende zon het mooist is.


We slaan linksaf en gaan een grote toegangspoort onderdoor. En dan wordt langzaam het wereldberoemde plaatje zichtbaar. Het is echt indrukwekkend en imposant. We lopen door totdat we op de plek staan, vanwaar waarschijnlijk miljarden foto's zijn gemaakt. En ook wij drukken af.

Langzaamaan lopen we richting het ongelofelijk grote symmetrische mausoleum. De Taj Mahal is door een zeer rijke excentrieke maharadja gebouwd voor z'n overleden vrouw, die dan ook ligt opgebaard in het exacte midden van het gebouw en het gehele complex.


Het is maar goed dat je tegenwoordig digitale camera's hebt, want we hebben al 4 rolletje van 24 volgeschoten. Vanuit alle hoeken en standen blijft het mooi. En ook wij wagen ons schaamteloos aan de veel gemaakte (grappige) foto's.

Uiteindelijk staan we dan zelf op het marmeren platform en lopen we de Taj Mahal in. We lopen rond de sarcofaag en aan het hoofdeind kijken we naar buiten en zien we pas echt hoe symmetrisch en in 1 lijn alles is gebouwd. De Taj Mahal mag met recht een van de wereldwonderen worden genoemd.

Hier nog een clipje: http://www.youtube.com/watch?v=atakZ8pOeEQ


In het Lassi-restaurant leggen we contact met Holland. Via de chat krijg ik van Arnold te horen dat Petra zwanger is. Volkomen naĂŻef vraag ik hoe en wat.

Het antwoord van Arnold is simpel: 1 April!!!.

Dit ga ik nog wel een paar jaartjes horen vrees ik.

Maar bij deze beloof ik m'n zwager dat hij geen enkele 1 April rustig zal slapen;)


Maandag 2 april nachttrein Agra - Varanasi

Het is bloody hot en we zijn toe aan verkoeling. Vanavond pakken we de nachttrein naar Varanassi en nu we de Taj Mahal gezien hebben, hebben we besloten om maar weer eens een luxe hotelletje op te zoeken, niet om in te slapen, maar wel om in het zwembad te duiken. Zo gezegd zo gedaan...

***

TIJGERSAFARI

Donderdag 29 maart Ramthambore NP Hotel Aditya Resort (600Rps)

Met de bus zijn we vanochtend verder oostwaarts getrokken richting het Ranthambore National Park. Dit zal onze laatste stop zijn in Rajasthan, maar wel een hele bijzondere. Ranthambore staat namelijk bekend als een van de beste plekken in India waar je tijgers in het wild kan spotten. In de loop van de middag komen we er aan. Het plaatsje Ranthambore bestaat grotendeels uit een weg richting het national park die links en rechts is bezaaid met hotels. Wij laten ons afzetten bij het Aditya Resort. Prima hotel, vriendelijke mensen en een schone kamer. Het verbaast ons natuurlijk niet dat mensen van het hotel ons direct een tourtje door het park willen aanbieden. Gemak dient de mens en we laten ons uitgebreid informeren. Alhoewel, uitgebreid is het niet echt. Je kan s'ochtends vroeg met een 4-persoons jeep of een 20-persoons canter (zeg maar een bus zonder dak) een uur of twee door het park rijden. In zo'n canter zit je dus met een behoorlijke kluit medetoeristen. Wij zijn niet zo van de ubertoeristsche groepstourtjes, maar in een canter zit je hoog en heb je het beste uitzicht (en is goedkoper dan de jeep). Morgenochtend stappen we dus in een canter.


Vrijdag 30 maart Ramthambore NP Hotel Aditya Resort 600Rps

Met het ontbijt op schoot zitten we tegen zonsopgang in de canter. We zitten voorin en hopen daarmee het beste plekje te hebben bemachtigd. De canter stop bij verschillende hotels en al snel is hij vol. Het is nog best koud zo s'ochtends vroeg, daar waar we overdag temperaturen van boven de 35 graden gewend zijn. Ik zit dus in m'n korte broek en t-shirtje te bibberen van de kou. Achter ons zitten 2 dikke, enigszins verwende, Canadese vrouwen. Naast ons zit een Duits stel van onze leeftijd en voor de rest is de bus gevuld met Indische toeristen. Na een half uur komen we aan bij de ingang van het nationale park. Terwijl onze gids de entree betaald, worden wij belaagd door hoeden en petten verkopers. Aan ons zijn extra aankopen niet besteed, want we hebben al veel teveel bij ons.


En dan rijden we het park in, waar we al gauw de eerste verse voetsporen van een tijger zien.

Dat belooft wat.

Hoewel het overigens helemaal niet gegarandeerd is dat je een tijger te zien krijgt. De canter rijdt zo'n 2 uur rond en heb je dan nog niks gezien, dan heb je pech en een hoop geld (1500 rupee p.p.) voor niets betaald. We hebben mensen ontmoet die tot 3 keer toe een tour hebben geboekt en niks hebben gezien. Dat voegt wat extra spanning toe aan deze tocht, zullen we maar zeggen. Onderweg komen we in ieder geval wel andere wilde dieren tegen, zoals herten en krokodillen. Ook leuk, maar wij willen de tijger.


Na anderhalf uur is onze hoop en dat van de rest een beetje vervlogen en lijkt het er op dat we op de terugweg zijn. Toch pak ik op een bepaald moment m'n verrekijker, wanneer de canter langzaam langs een beekje rijdt. In mijn vizier zie ik in de verte tussen takken door een oranje vlek. Het zal toch niet??? Ik waarschuw de gids en kijk nog een keer in dezelfde richting en dan weet ik het zeker. Ongeveer 100m verderop ligt een tijger in hetzelfde beekje als waar we nu langs staan.

De gids legt uit dat dit het oudste vrouwtje is van het park. Ze lijkt zich niks van ons aan te trekken en ligt rustig in het water te relaxen.

Voor mij is de tijger een van de mooiste dieren ter wereld en om die nu zo hier in het wild te zien is echt heel speciaal. Even later zien we haar ook nog een klein stukje lopen, waarna ze zich weer in het water laat zakken. Onafgebroken worden er door mensen foto's genomen en hebben inmiddels ook de andere jeeps en canters hun plek ingenomen. Gelukkig behouden we vrij zicht en met de verrekijker kunnen we alles prima zien. Toch komt dan na zo'n 30 minuten het moment om afscheid te nemen en met een voldaan gevoel rijden we terug. Op de terugweg worden we zelfs nog getrakteerd op een close-up van een krokodil.

***


DOOIE MUS

Woensdag 28 maart Bundi Haveli Umamegh Guesthouse (600Rps)

Bundi is inderdaad een rustig stadje. Ons guesthouse heeft een mooi tuintje en is gelegen aan een wat vervallen meertje. Je gelooft het niet, maar ook Bundi heeft een fort. Voor de verandering bezichtigen we deze een keertje niet. An blijft achter bij het guesthouse om een boekje te lezen en ik maak een wandeling door het plaatsje. Het is het bekende werk van allerlei kleine winkeltjes in niet al te schone straten, die ook worden bezocht door het plaatselijk vee en apenvolk (en met apen bedoel ik letterlijk apen, dus niet een discriminerende opmerking ten aanzien van het Indische volk)

Eenmaal terug ontdekken we in de tuin een gehandicapt musje. Ja, ja, we maken wat mee.

Het musje is geen lang leven beschoren en om het musje verdere ellende te besparen besluiten we de mus een enkeltje naar de mussenhemel aan te bieden. Tjonge, jonge, nou ben ik een liefhebber van vlees, maar het om zeep helpen van een klein simpel gehandicapt musje vind ik geen fijn klusje. Maar goed, het is het beste voor het musje en met die gedachte pak ik een grote steen en hef deze hoog boven m'n hoofd. An staat naast me. Met haar handen plet ze haar wangen, terwijl haar ogen langzaam vollopen. Het musje is inmiddels op haar rug gerold en met haar vleugeltjes wijd kijkt ze me met, voor mussenbegrip, grote ogen aan. An roept nog even vol vertrouwen: “Wel goed raken he!” En dan laat ik m'n hand met de steen in grote vaart naar beneden zoeven. Ik roep nog: “Sorry, sorry, sorry!” en het musje tjilpt: “het geeft niet, bedankt!”. De schaduw valt over het musje en een fractie later wordt ze met steen en al de aarde ingedrukt. Om vervolgens, na aansporing van An (“stampen, stampen”), met m'n maat 45 de klus definitief te klaren. Ons hart bonkt in de keel. Is het dood of niet? Voorzichtig til ik de steen uit de aarde. Het musje heeft de oogjes dicht en ligt er netjes en vredig bij.


Die dag eet ik vegetarisch...RIP!!!

Uit respect voor het musje is er geen beeldmateriaal toegevoegd!


***